Application Service Providing, de hype voorbij?


Verslag Middagbijeenkomst 8 maart 2002

Euro-distributie door ASP-concept gered.

 Het fenomeen ASP (Application Service Providing) heeft alle kansen voor een hoge vlucht. Maar echt loskomen wil het vooralsnog niet, lijkt het. Tijdens de COMGE-bijeenkomst van 8 maart is de balans opgemaakt. Na een algemene inleiding over ASP door Oscar Bal (voorzitter ASP Forum) volgde de visie van de ASP-aanbieder Multrix bij monde van Philip Actor op mogelijkheden, onmogelijkheden, risico’s en toekomstkansen van het ASP-concept. Ing. Hans de Groot - directievoorzitter van het consortium Euro2002 (Securicor, Group4/Falck en VNV Beveiliging) dat de veiligheidsvoorzieningen rond de geldtransporten van de euro’s heeft begeleid en gerealiseerd – licht toe hoe een ASP-toepassing het project snel van de grond hielp.

Concept in kinderschoenen

Toen was ineens iedereen Application Service Provider…

Door: Ing. Oscar Bal Contakt ICT Solutions Voorzitter ASP Forum

“Of je ASP bent, is in hoge mate afhankelijk van de gehanteerde definitie. En daar zijn er nogal wat van, die bovendien aan duidelijkheid niet overhouden. Daardoor kon iedereen erop inspringen, en dan is er een ‘hype’. Voor de afnemers is ASP echter niet meer of minder dan ‘applicaties uit de kraan’, dus: software als service. Maar dat concept staat nog volop in de kinderschoenen. Zowel bij de aanbieders als bij de afnemers moet nog veel gebeuren.”

Aan het woord is Oscar Bal, mede-oprichter en voorzitter van het ASP Forum. “Hoewel de definities uiteenlopen en weinig houvast bieden, zijn er wel vaste aspecten aan ASP toe te kennen. Die aspecten brengen ASP wel heel dicht bij het time-sharing concept van weleer. Maar dan wel met de computer- en netwerktechnologie van vandaag.”

 “De voordelen van ASP zijn legio. Je hebt weinig ICT-deskundigen nodig, terwijl ook de duurdere applicaties ineens op een betaalbare manier onder handbereik komen. Daardoor was het MKB in eerste instantie dé doelgroep. Dat is niet uitgekomen. Het zijn vooral de middelgrote en grote bedrijven die ASP beginnen te ontdekken.” Volgens Bal komt dit onder andere door de hoge telecommunicatiekosten voor kleine bedrijven. “ADSL moet er nu in heel Nederland komen. Dan krijgt ASP ook voor één- en tweemansbedrijven zin.”

 De toekomst van ASP ligt volgens Bal ook in de handen van de aanbieders. “Er zijn nog veel problemen op te lossen. Daarom moeten aanbieders eerst fiks aan het werk vóórdat ze nieuwe dingen gaan aanzwengelen.”

 Toezichthouder

Ook vindt hij dat het tijd is om een ASP-toezichthouder aan te  stellen. “Als je een kritische applicatie laat ‘hosten’ doe je dat natuurlijk niet eventjes op de hoek. Maar ook in andere gevallen is het noodzakelijk inzicht te hebben de in continuïteit en betrouwbaarheid van een ASP, en in de veiligheidsnormen die die stelt. Dan is een onafhankelijke autoriteit onmisbaar.”

 Bal besluit met een advies: “Wie begint met ASP,  doet dat bij voorkeur met een bedrijfsfunctie die nog niet eerder vergaand was geautomatiseerd. Wat er nog niet is kan ook niet bedrijfskritisch zijn. Als ’t dan misgaat, kun je zonder brokken op het oude terugvallen. Maar houdt ASP wel als serieus alternatief in het oog: er zijn nu al organisaties die met ASP een terugverdientijd van één jaar en een ROI van ruim 400 procent hebben bereikt.”

Niet de applicatie, maar het serviceniveau telt

Keten van SLA’s is lang niet altijd gesloten.

Door: Philip Actor , ASP Multrix

“Er kan eigenlijk nauwelijks sprake zijn van een hype rond ASP; daarvoor zijn er nog te weinig serieuze aanbieders.” Tijdens de COMGE-bijeenkomst van 8 maart stelt Philip Actor van de ASP Multrix dat het serviceniveau dat de ASP garandeert én biedt, van doorslaggevend belang is voor het succes van de samenwerking met klanten. “Welke applicaties je gebruikt om de service te realiseren, wil de klant eigenlijk niet eens weten. Als het maar werkt. Het is de kunst van de ASP om met standaard applicaties aan alle unieke wensen te voldoen.”

 Tussen gebruikers, ASP’s en ISV’s heerst een aantal belangenconflicten. Zo wil de gebruiker een zo specifiek mogelijke oplossing, en zeker niet beseffen dat de concurrent met hetzelfde systeem werkt. Een ASP streeft echter naar zo veel mogelijk standaardisatie. Daarnaast wil een ISV – als leverancier van de software - graag direct afrekenen bij het verlenen van een licentie. De gebruiker kiest juist voor ASP-oplossingen vanwege hun – voorspelbare - maandelijkse kosten. Zij willen het liefst geen verbruiksbelasting, maar een ‘flat fee’. “Dat geeft voor de ASP een financieringsprobleem als er een klant met veel simultane gebruikers wordt binnengehaald.”, aldus Actor. “Deze verschillen in belangen leiden er toe dat de ASP de aandacht van de applicatie moet afleiden, en de gebruiker gewoon een excellent service level moet bieden. Het zal de gebruiker dan verder weinig interesseren hoe dat wordt gerealiseerd.”

Actor onderscheidt twee ASP-vormen. Zo zijn er ISV’s die zelf applicaties ontwikkelen om die vervolgens als ASP te verhuren. Daarnaast zijn er échte ASP’s die de applicaties van ISV’s betrekken en zich uitsluitend op verhuur richten. “De eerste variant biedt een beperkt scala toepassingen. Daar grijpt een klant al snel mis, want die wil méér. De applicaties zijn bovendien ‘web based’, dus kunnen niet lokaal draaien. Dat geeft problemen over internet.”

 Volgens Actor zijn de door ASP’s afgegeven SLA’s soms structureel wankel. Als voorbeeld noemt hij ASP’s die gebruik maken van co-lokatie voor hun servers. “Hun eigen organisatie mag dan voldoen aan de toegezegde waarborgen, maar in veel gevallen blijkt dat er met betrekking tot de co-lokatie door de ASP helemaal geen SLA is afgesloten. De gebruiker merkt dat pas als het misgaat.”

 Concluderend stelt Actor dat internet-ASP’s vooralsnog geen vlucht zullen nemen omdat hun web based applicaties niet lokaal draaien en dus snel internet nodig is. “En dat is er nog lang niet.”, voorspelt hij. “ASP is bovendien niet ‘pay-as-you-go’, zoals velen denken. Het betreft ‘hosted’ applicaties die na nauw overleg met de afnemer worden geïmplementeerd en geconfigureerd.”

ASP essentieel voor eurodistributie

Webdatabase brengt partijen bij elkaar.

Door: Ing. Hans de Groot, directievoorzitter consortium Euro2002

In enkele maanden een oplossing realiseren voor de beveiliging van en het toezicht op de fijndistributie van de nieuwe euromunten in Nederland. En en passant ook ruim 1.700 beveiligingsmedewerkers werven, screenen, selecteren, opleiden en – bijvoorbeeld – voorzien van een passend uniform. De beveiligingsbedrijven Securicor, Group4/Falck en VNV verenigden zich in het consortium Euro2002. Het eerste dat men zich afvroeg was: ‘Willen wij dit wel?’. Ing. Hans de Groot, directievoorzitter van Euro2002, licht toe hoe het lukte, waarom de ASP-oplossing van Datheon zo belangrijk was en vooral: waarom het zo snel moest.

 Het distribueren van zo’n drie miljard euromunten om er evenzoveel guldens voor terug te krijgen, is een boeiende operatie. Elke organisatorische misser is sowieso landelijk voorpaginanieuws. Nederland koos er bovendien als enige euroland voor om de fijndistributie – naar de consument – goeddeels via de detailhandel te laten lopen. Dat vergde 30.000 ritten naar alle hoeken van ons land. Transporten met een aanzienlijke geldswaarde aan boord, zodat de beveiliging hoge prioriteit kreeg.

 Eind 2000 werd binnen de projectorganisatie van De Nederlandsche Bank (DNB) duidelijk dat de capaciteit van de beschikbare beveiligde geldtransportauto’s met getrainde bemanning, niet zou volstaan. Daarom is besloten ook de logistieke systemen en het wagenpark van TPG in te zetten. De auto’s van TPG moesten dan wél van extra – betrouwbare en getrainde – toezichthouders worden voorzien.  Daarvoor zouden in korte tijd zo’n 1.700 mensen moeten worden geworven, geselecteerd en gescreend. De tijd ging dringen. DNB zocht contact met de beveiligngsbedrijven in ons land.

 Het consortium Euro2002 deed daarop een haalbaarheidsstudie en kreeg de opdracht. “Voor een compleet project, dus inclusief bijvoorbeeld traumateams voor bijstand na een overval.”, schetst De Groot de complexiteit van het project. “Informatie-uitwisseling werd al direct cruciaal. Aanhaken op het bestaande netwerk van één van de deelnemers, is echter uitsloten. Het blijven immers concurrenten. We hebben wat geprobeerd met Office-documenten, maar die weg liep al snel dood.”

 Bij de naspeuringen naar een oplossing, werden contacten gelegd met Datheon Database Services. “Het systeem dat wij nodig hadden, hadden zijn niet pasklaar in huis. Maar wel de oplossing. Hun database systeem is op internet – beveiligd – toegankelijk. Dus vanaf iedere werkplek in Nederland. Met ‘point-and-click’ stelt de daarvoor geautoriseerde gebruiker zélf de structuur samen, en definieert de beveiliging per gebruiker, desnoods tot op veldniveau.”

 Kledingmaat

Voor de werving en het inzetten van mensen door heel Nederland, is een veelheid aan gegevens nodig. Voor de uitzendorganisaties wat betreft salariëring, voor de Nederlandsche Bank ten behoeve van de screening en voor TPG, om tijdig te kunnen beschikken over beveiligingspasjes en uniformen in de juiste maten. De Groot : “De webdatabase van Datheon kon met muisklikken snel worden opgebouwd tot precies datgene wat wij zochten. Ook tijdens de uitvoering van de eurodistributie liet de database zich eenvoudig – door onszelf – aanpassen aan nieuw opgedane ervaringen. Zo hadden alle partijen voortdurend de beschikking over de laatste, actuele informatie. Bij calamiteiten konden we de politie met enkele muisklikken autoriseren om vanaf hun eigen werkplekken bepaalde informatie in te zien.”

“Andere voordelen? We deden geen enkele investering. Gezien het tijdelijke karakter van het systeem beslist een pré. Naar het systeem- en versiebeheer heb je zelf geen omkijken.  Dat heeft niet alleen het hele project gestroomlijnd, maar ook vele weken werk bespaard van tientallen mensen.”, besluit De Groot.

 Hit Counter